De voedingswaarde van witte kool

Voedingswaardetabel van witte kool per 100 gram:

Per 100 g / mlWitte koolADH*
kcal271,35%
Kj1171,39%
Water (g)914,55%
Eiwit (g)1,52,68%
Koolhydraten (g)3,81,46%
Suiker (g)3,6
Vet (g)0,20,29%
Verzadigd (g)
E.O.V. (g)
M.O.V. (g)
Omega 6 (g)
Omega 3 (g)
Cholesterol (mg)
Vezels (g)2,57,14%
A (mg)
B1 (mg)0,054,55%
B2 (mg)0,042,67%
B3 (mg)0,31,88%
B5 (mg)0,24,00%
B6 (mg)0,117,33%
B11 / Foliumzuur  (ug)3010,00%
B12 (ug)
C (mg)4053,33%
D (ug)
E (mg)0,22,00%
Vitamine K (ug)6050,00%
Natrium (mg)101,00%
Kalium (mg)2206,29%
Calcium (mg)252,50%
Fosfor (mg)303,75%
IJzer (mg)0,56,25%
Jodium (ug)21,33%
Magnesium (mg)103,33%
Koper (mg)0,066,67%
Selenium (ug)11,82%
Zink (mg)0,21,33%

Bron: Nevo, USDA, Pubmed, CNF
* Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid

Over witte kool
Witte kool behoort, zoals de naam al doet vermoeden, tot de koolsoorten. Het is een gekweekte variant, rond van vorm met gesloten bladeren. Dit wordt ook wel ‘sluitkool’ genoemd. Witte kool wordt grotendeels gebruikt voor de productie van zuurkool.

Herkomst en groeiwijze
Witte kool is een van de oudste koolsoorten. De teelt vindt al eeuwen plaats in Noord-Europa, tegenwoordig vooral in Noord-Holland en Friesland. In het noorden van Nederland hebben gewassen geen last van aantasting door knolvoet. Door deze ziekte, waarbij zowel de wortels als het blad worden aangetast, kan een groot deel van de oogst verloren gaan.

Van de witte kool bestaan er twee soorten: een spitse (de spitskool) en een ronde. De ronde soort staat bij ons bekend als de witte kool. De teelt van het spitse type vindt plaats in de lente- en zomermaanden. Daarna gaan de boeren over op het verbouwen van de witte kool. Hiervan is een zomer- herfst en bewaarteelt. De kolen worden na de herfstoogst opgeslagen en de rest van het jaar verkocht.

Verkrijgbaar
Witte kool komt het gehele jaar uit Nederland en is in elke supermarkt jaarrond verkrijgbaar. Spitskool wordt ook nog wel eens uit andere landen gehaald. Een groot voordeel is dat de groente altijd erg goedkoop is. Let er bij de koop van een witte kool op dat het blad er gaaf uitziet en niet teveel verdord is langs de randen. Van witte kool die wat ouder is, verwijder je gemakkelijk de buitenste bladeren. Daarna ziet de groente er weer puntgaaf uit.

Bewaren
Een witte kool is, net als andere koolsoorten, lang houdbaar. Bewaar de kool op een koele plek. Dan blijft deze zo’n 2 á 3 weken goed.

Toepassing
Witte kool is een koolsoort die bij veel gerechten past. De kool kan zowel rauw als gegaard gegeten worden. Mensen met gevoelige darmen kunnen reageren op het eten van rauwe kool. Witte kool kan goed ingezet worden bij het maken van nasi of een ander Indonesisch of Oosters gerecht. Lekker om te wokken met andere groenten. Witte kool combineert heel gemakkelijk met andere smaken. Denk aan paddenstoelen, kip, paprika, uien, wortelen en gehakt. Witte kool heeft krachtige specerijen nodig om de smaak goed tot uiting te laten komen. Anders proeft de kool wat flauw. Denk aan knoflook, kerrie, cayenne en gember. Rauw kan de groente prima dienen in een salade, mits fijn geraspt. Lekker met ringen prei en rozijnen. Of met appel, wortel en peterselie.

Weetjes/Wist je dat:

  • Witte kool in Oost-Nederland ‘boeskool’ wordt genoemd?
  • Je gemakkelijk zelf van een witte kool zuurkool kunt maken? Het enige wat je nodig hebt, is een schone weckpot, water en zout.

Wetenschappelijke weetjes over de voedingswaarde van witte kool
Witte kool bevat vele polyfenolen. Twee polyfenolen in deze kool zijn pinoresinol en lariciresinol, die vallen onder de lignanen. Lignanen zouden volgens wetenschappers helpen tegen kanker (1, 2) en cardiovasculaire problemen (3). Ook bevat witte kool rijkelijk glucosinolaten. Met name thiocyanaat wordt er veel in aangetroffen Thiocyanaat werkt als een krachtige antioxidant (4) en is antibacterieel (5).

Zie voor meer informatie over voedingsmiddelen ook het boek:

1. Adlercreutz H. Lignans and human health. Critical reviews in clinical laboratory sciences. 2007; 44(5-6):483-525.

2. Buck K, Zaineddin AK, Vrieling A, Linseisen J, Chang-Claude J. Meta-analyses of lignans and enterolignans in relation to breast cancer risk. The American journal of clinical nutrition. 2010; 92(1):141-53.

3. Vanharanta M, Voutilainen S, Rissanen TH, Adlercreutz H, Salonen JT. Risk of cardiovascular disease-related and all-cause death according to serum concentrations of enterolactone: Kuopio Ischaemic Heart Disease Risk Factor Study. Archives of internal medicine. 2003; 163(9):1099-104.

4. Chandler JD, Day BJ. THIOCYANATE: A potentially useful therapeutic agent with host defense and antioxidant properties. Biochemical Pharmacology. 2012; 84(11):1381-1387.

5. Dufour V, Stahl M, Baysse C. The antibacterial properties of isothiocyanates. Microbiology (Reading, England). 2015; 161(Pt 2):229-43.