E1504 - Ethylacetaat

Niet toegelaten HalfnatuurlijkBegint met een natuurlijke grondstof, maar wordt daarna chemisch bewerkt tot iets nieuws.
Veiligheidsscore
?/100
Niet toegelaten
Vergelijking
Niet toegelaten
EU 1333/2008
Herkomst
HalfnatuurlijkBegint met een natuurlijke grondstof, maar wordt daarna chemisch bewerkt tot iets nieuws.
Ook bekend als
Ethyl acetate, Azijnzuurethylester, Ethyl ethanoate, Acetic acid ethyl ester
Komt voor in
Cafeïnevrije koffie, Cafeïnevrije thee, Producten met vruchtenaroma, Frisdranken, Siropen, IJs, Soep, Puddingpoeder, Kauwgom
ADI
De ADI is 0-25 mg/kg lichaamsgewicht per dag, vastgesteld door JECFA. Voor een volwassene van 70 kg betekent dat een maximum van 1750 mg per dag. Bij normaal gebruik als oplosmiddel in voedingsaroma's en bij decafeïnering liggen de residuniveaus in het eindproduct ver onder deze grens.
EU-status
Niet meer toegelaten of wordt niet meer als additief beschouwd
Dieetinfo
Ethylacetaat kan worden gebruikt door alle religies, vegetariërs en veganisten. Het is plantaardig van oorsprong en bevat geen dierlijke bestanddelen. Geschikt voor halal, kosher, vegetarisch en veganistisch dieet.
Aandachtspunten

In de EU niet meer toegelaten als voedingsadditief (E-nummer). Er zijn geen directe humane studies beschikbaar. Eén EFSA-studie noemt een lage veiligheidsmarge voor de consument bij hogere blootstelling. Er is geen informatie over risico's voor kwetsbare groepen zoals kinderen, zwangeren of mensen met nier- of leverproblemen.

Positieve bevindingen

Komt van nature voor in veel fruitsoorten en wijn. EFSA beschouwt het bij normaal gebruik als overwegend veilig. Beide beschikbare studies zijn onafhankelijk gefinancierd. Geschikt voor alle diëten, inclusief veganistisch, halal en kosher.

Ethylacetaat (E1504) is een stof met een fruitige geur die van nature voorkomt in veel fruitsoorten en wijn. Commercieel wordt het gemaakt uit azijnzuur, waardoor het als halfnatuurlijk wordt beschouwd. Het wordt vooral gebruikt als oplosmiddel en dragerstof voor aroma's in voedingsmiddelen. Je kent het misschien indirect: het speelt een rol bij het decafeïneren van koffie en thee, en het komt als residu in kleine hoeveelheden terecht in producten met vruchtenaroma's, frisdranken, siropen, ijs, soep, puddingpoeder en kauwgom.

Belangrijk om te weten: ethylacetaat is in de EU conform verordening 1333/2008 niet meer toegelaten als voedingsadditief. Dat betekent dat het E-nummer E1504 officieel niet meer gebruikt mag worden. De stof kan nog wel als residu voorkomen wanneer het als extractie-oplosmiddel is ingezet, bijvoorbeeld bij de productie van aroma's of cafeïnevrije koffie. De hoeveelheden die dan in het eindproduct achterblijven zijn doorgaans zeer klein.

De ADI (aanvaardbare dagelijkse inname) is eerder vastgesteld op 0 tot 25 mg per kilogram lichaamsgewicht per dag. Voor een volwassene van 70 kg komt dat neer op maximaal 1750 mg per dag. Bij normaal gebruik als oplosmiddel in voedingsaroma's liggen de residuniveaus ver onder deze grens. Toch is het goed om te weten dat er geen directe humane studies zijn gedaan naar de veiligheid van ethylacetaat als voedingsadditief. De beschikbare beoordelingen zijn gebaseerd op diervoederstudies en evaluaties van transportresiduen. Over mogelijke risico's voor kwetsbare groepen zoals kinderen, zwangeren of mensen met nier- of leverproblemen is geen specifieke informatie beschikbaar.

Wat zegt de wetenschap?

We vonden 3 relevante studies over ethylacetaat als voedingsadditief. Na beoordeling zijn 2 studies meegenomen in onze analyse. Daarvan zijn er 2 onafhankelijk gefinancierd.

De eerste meegenomen studie is een EFSA-evaluatie uit 2011, uitgevoerd in opdracht van de Europese Commissie. Deze studie beoordeelde ethylacetaat in de context van "vorige ladingen" bij voedseltransport. De conclusie was dat ethylacetaat als transportresidu geen gezondheidsrisico vormt. Het is belangrijk om te beseffen dat deze studie niet specifiek ging over het gebruik van ethylacetaat als voedingsadditief. De relevantie voor directe consumptie via E1504 is daardoor beperkt.

De tweede studie is een EFSA-evaluatie uit 2013 die de veiligheid en werkzaamheid van ethylacetaat in diervoeder onderzocht. De conclusie was dat ethylacetaat veilig is voor gebruik in diervoeder, maar de studie vermeldde expliciet dat er een lage veiligheidsmarge bestaat voor de consument. Dat betekent dat het verschil tussen de hoeveelheid die als veilig wordt beschouwd en de hoeveelheid waarbij effecten kunnen optreden relatief klein is. Bij hogere blootstelling kan dit relevant worden.

Wat opvalt is dat geen van beide studies direct gericht was op het gebruik van ethylacetaat als voedingsadditief voor mensen. De ene ging over transportresiduen, de andere over diervoeder. Er zijn geen humane klinische studies beschikbaar die de veiligheid bij directe consumptie als E-nummer hebben onderzocht. Alle conclusies over veiligheid voor mensen zijn dus indirect afgeleid. Dat maakt de wetenschappelijke onderbouwing mager, ook al wijzen de beschikbare gegevens in de richting van een laag risico bij normaal gebruik.

Positief is dat beide studies onafhankelijk gefinancierd zijn (door de Europese Commissie en EFSA zelf), wat de betrouwbaarheid van de conclusies ten goede komt. Er is geen invloed van de voedingsindustrie op deze beoordelingen aangetoond. Tegelijkertijd is het totale aantal studies zeer beperkt, waardoor het moeilijk is om harde conclusies te trekken over langetermijneffecten of effecten bij specifieke bevolkingsgroepen.

Bredere context

Regulering en status

Ethylacetaat (E1504) is in de Europese Unie niet meer toegelaten als voedingsadditief volgens verordening 1333/2008. Het E-nummer mag dus niet meer actief worden toegevoegd aan levensmiddelen. De stof kan nog wel als residu voorkomen in producten waarbij het als extractie-oplosmiddel is gebruikt, zoals bij de productie van aroma's en cafeïnevrije koffie en thee. In die gevallen gelden maximale residulimieten.

Er is geen IARC-classificatie voor ethylacetaat, wat betekent dat het niet beoordeeld is op kankerverwekkendheid door het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek. JECFA (het gezamenlijke expert-comité van de WHO en FAO) heeft eerder een ADI vastgesteld van 0 tot 25 mg/kg lichaamsgewicht per dag. EFSA heeft geen specifieke herbeoordeling als voedingsadditief gepubliceerd, maar heeft de stof wel beoordeeld in de context van diervoeder en transportresiduen.

  • Niet meer toegelaten als voedingsadditief in de EU
  • Kan als residu voorkomen in cafeïnevrije koffie, thee en producten met aroma's
  • Geen informatie beschikbaar over risico's voor kinderen, zwangeren of mensen met nier-/leverproblemen
  • Lage veiligheidsmarge bij hogere blootstelling volgens EFSA (2013)

Bijwerkingen

Bij gebruik in levensmiddelen zijn geen bijwerkingen bekend. De stof komt als residu in zeer kleine hoeveelheden voor in het eindproduct. Bij hogere blootstelling is er volgens EFSA een lage veiligheidsmarge, maar concrete klachten bij normale consumptieniveaus zijn niet gerapporteerd in de beschikbare studies.

Financiering van het onderzoek

2
Onafhankelijk (2) Industrie (0) Mogelijk industrie (0) Onbekend (0)

Beide meegenomen studies zijn onafhankelijk gefinancierd. De studie uit 2011 werd uitgevoerd in opdracht van de Europese Commissie en de studie uit 2013 werd gefinancierd door EFSA zelf. Er is geen enkele studie in deze analyse die door de voedingsindustrie is betaald of mogelijk door de industrie is beïnvloed.

Dat is op zich positief voor de betrouwbaarheid van de conclusies. Tegelijkertijd is het totale aantal studies zeer klein (slechts 2 meegenomen) en zijn beide studies niet specifiek gericht op het gebruik van ethylacetaat als voedingsadditief voor mensen. De onafhankelijke financiering weegt dus positief mee, maar de beperkte hoeveelheid en indirecte aard van het bewijs blijven een aandachtspunt.

Beoordeling medische literatuur

Het is goed om te weten dat de beschikbare studies over ethylacetaat niet direct gaan over het gebruik als voedingsadditief voor mensen. De ene studie beoordeelde het als transportresidu, de andere als diervoederadditief. Directe humane blootstellingsdata ontbreken volledig. Dat betekent niet dat de stof onveilig is, maar wel dat de wetenschappelijke onderbouwing voor gebruik in voeding mager is.

Daarnaast vermeldt de EFSA-studie uit 2013 een lage veiligheidsmarge voor de consument. Dat wil zeggen dat het verschil tussen de veilig geachte dosis en de dosis waarbij effecten kunnen optreden relatief klein is. Bij de lage residuniveaus die normaal in voeding voorkomen is dit waarschijnlijk geen probleem, maar bij cumulatieve blootstelling via meerdere bronnen is enige voorzichtigheid op zijn plaats. Over risico's voor kwetsbare groepen zoals kinderen en zwangeren is niets bekend.

Onderzochte studies

Studie Type Conclusie Bewijskracht Financiering
2013
Ethylacetaat veilig in diervoeder; lage veiligheidsmarge voor consument
EFSA/WHO-evaluatie Overwegend veilig
70%
Onafhankelijk
Gefinancierd door efsa
2011
EFSA: ethylacetaat als vorige lading geen gezondheidsrisico
EFSA/WHO-evaluatie Veilig
67%
Onafhankelijk
Gefinancierd door european commission

Verantwoording

Algoritme versie: v1.7. Analyse uitgevoerd op: 8 maart 2026. Lees meer over onze methodologie.

De informatie op deze pagina is met zorg samengesteld op basis van wetenschappelijk onderzoek. Scores worden algoritmisch berekend op basis van de onderliggende studies. Elke pagina wordt met de hand gecontroleerd door de redactie. Deze informatie vervangt geen professioneel voedings- of medisch advies. Raadpleeg bij twijfel altijd een arts of diëtist. Mocht er onverhoopt een fout staan, laat het ons weten via info@ahealthylife.nl.