E218 - Methyl-p-hydroxybenzoaat
Er is nog onvoldoende wetenschappelijk onderzoek beschikbaar om een betrouwbare veiligheidsscore te berekenen voor dit E-nummer.
Er is nog onvoldoende wetenschappelijk onderzoek beschikbaar om dit E-nummer betrouwbaar te vergelijken met andere E-nummers.
De herkomst geeft aan waar dit E-nummer vandaan komt en hoe het geproduceerd wordt:
- Natuurlijk — Komt voor in de natuur en wordt daaruit gewonnen
- Halfnatuurlijk — Natuurlijke grondstof, chemisch gewonnen of gezuiverd
- Synthetisch — Volledig kunstmatig geproduceerd in een fabriek
- Mineraal — Gewonnen uit minerale bronnen (gesteente, zout)
- Gemodificeerd — Natuurlijke stof waarvan de molecuulstructuur is veranderd
- Ook bekend als
- Methylparabeen, Methyl-p-hydroxybenzoaat, Tegosept M, Nipagine M, Methyl paraben
- Komt voor in
- Salades, Sauzen, Zoetwaren, Visconserven, Cosmetica
- ADI
- De ADI is 10 mg/kg lichaamsgewicht per dag, vastgesteld door EFSA. Voor een volwassene van 70 kg betekent dit een maximale dagelijkse inname van 700 mg. Bij normaal voedingsgebruik kom je hier niet snel aan, maar houd er rekening mee dat parabenen ook via cosmetica en medicijnen het lichaam binnenkomen.
- EU-status
- Goedgekeurd
- Dieetinfo
- Geschikt voor alle diëten. Kan worden gebruikt door vegetariërs, veganisten en is halal en kosher.
Behoort tot de parabenen, waarvoor zwakke oestrogene activiteit is beschreven. EU-maxima zijn de afgelopen jaren verlaagd. Kan bij mensen met huidproblemen klachten verergeren. Slechts twee studies meegenomen in de analyse, waarvan één door de industrie gefinancierd.
EFSA beschouwt het als veilig bij inname onder de ADI van 10 mg/kg lichaamsgewicht per dag. Geschikt voor alle diëten, inclusief veganistisch, halal en kosher. Bij normale consumptieniveaus in voeding worden zelden bijwerkingen gemeld.
E218, ook wel methylparabeen genoemd, is een synthetisch conserveermiddel uit de groep van parabenen. Het wordt gemaakt door p-hydroxybenzoaat chemisch te combineren met andere stoffen. Hoewel p-hydroxybenzoaat van nature in planten voorkomt, is de stof zoals die in voeding wordt gebruikt volledig synthetisch geproduceerd. Je vindt E218 vooral in salades, sauzen, zoetwaren en visconserven, waar het de groei van schimmels en gisten tegengaat.
Methylparabeen behoort tot een groep stoffen waar de laatste jaren steeds meer discussie over is. Voor parabenen is zwakke oestrogene activiteit beschreven, wat betekent dat ze in het lichaam een licht hormoonverstorend effect zouden kunnen hebben. Mede daarom zijn de EU-maxima voor parabenen de afgelopen jaren verlaagd. Voor voeding gelden inmiddels strengere limieten dan voor cosmetica, wat op zich al iets zegt over de voorzichtigheid waarmee naar deze stoffen wordt gekeken.
De ADI (aanvaardbare dagelijkse inname) is door EFSA vastgesteld op 10 mg per kilogram lichaamsgewicht per dag. Voor een volwassene van 70 kg komt dat neer op maximaal 700 mg per dag. Bij normale consumptie via voeding kom je daar niet snel aan. Toch is het goed om te weten dat parabenen ook in cosmetica en medicijnen zitten, waardoor je totale blootstelling hoger kan zijn dan je denkt. Mensen met huidproblemen moeten extra opletten: parabenen kunnen in sommige gevallen klachten verergeren.
Als je liever op het veilige pad blijft, kun je producten met parabenen vermijden. Er bestaan natuurlijke alternatieven voor conservering, zoals citroenzuur of azijn, al zijn die niet in alle producten even effectief. Het feit dat er maar weinig onderzoek specifiek naar E218 in voeding is gedaan, maakt het lastig om met zekerheid te zeggen hoe onschuldig het op de lange termijn is.
Wat zegt de wetenschap?
We vonden 3 relevante studies over methyl-p-hydroxybenzoaat als voedingsadditief. Na beoordeling zijn 2 studies meegenomen in onze analyse. Daarvan is er één industrie-gefinancierd en is er één onafhankelijk gefinancierd.
De onafhankelijke studie uit 2007, gepubliceerd in het British Journal of Pharmacology, onderzocht het effect van methylparabeen op pijnreceptoren. De onderzoekers vonden dat methylparabeen bij concentraties die realistisch zijn voor producten pijnreceptoren (TRPA1) kan activeren. Dit is een dierstudie, dus de resultaten zijn niet direct vertaalbaar naar mensen, maar het laat wel zien dat de stof biologisch actief is bij concentraties die in de praktijk voorkomen.
De andere meegenomen studie is een review uit 2002, gepubliceerd in Food and Chemical Toxicology. Deze review concludeerde dat methylparabeen overwegend veilig is bij consumptie, maar meldde ook contactallergie en cytotoxiciteit (celschade) in bepaalde omstandigheden. Belangrijk om te weten: deze review is uitgevoerd door de Burdock Group, een adviesbureau dat veel voor de voedingsindustrie werkt. Dat maakt de conclusies niet per definitie onbetrouwbaar, maar het is goed om die financiering mee te wegen.
Wat opvalt is hoe weinig onderzoek er specifiek naar E218 als voedingsadditief is gedaan. Met slechts twee bruikbare studies is de bewijskracht beperkt. De meeste kennis over parabenen komt uit cosmetica-onderzoek, waar de blootstelling via de huid anders werkt dan via voeding. EFSA heeft de stof beoordeeld en een ADI van 10 mg/kg lichaamsgewicht per dag vastgesteld, maar de discussie over de hormoonverstorende eigenschappen van parabenen als groep is nog niet helemaal afgesloten.
Samenvattend: er zijn geen sterke aanwijzingen dat E218 bij normale voedingsinname direct schadelijk is, maar het gebrek aan onafhankelijk onderzoek en de bredere zorgen over parabenen maken dat voorzichtigheid op zijn plaats is.
Bredere context
Regelgeving en bredere context
E218 is goedgekeurd in de EU als conserveermiddel, maar de toegestane hoeveelheden zijn de afgelopen jaren verlaagd. Dit past in een bredere trend waarbij Europese autoriteiten steeds kritischer kijken naar parabenen. Voor voeding zijn de limieten strenger dan in cosmetica. Sommige parabenen met langere ketens (zoals propylparabeen en butylparabeen) zijn in voeding al verboden, terwijl ze in cosmetica nog beperkt zijn toegestaan.
Mensen met huidproblemen zoals eczeem moeten extra alert zijn, omdat parabenen klachten kunnen verergeren. Voor kinderen en zwangere vrouwen zijn er geen specifieke verboden, maar gezien de zwakke oestrogene activiteit van parabenen is het verstandig om de blootstelling zo laag mogelijk te houden. Houd er rekening mee dat parabenen niet alleen via voeding binnenkomen, maar ook via cosmetica, tandpasta en medicijnen. De totale dagelijkse blootstelling kan daardoor hoger uitvallen dan je op basis van voeding alleen zou verwachten.
Bijwerkingen
Bij normale consumptieniveaus in voeding worden zelden bijwerkingen gemeld. Bij een kleine groep mensen kunnen parabenen histamine vrijmaken, wat pseudo-allergische reacties kan veroorzaken. Mensen met huidproblemen zoals eczeem kunnen verergering van klachten ervaren. In cosmetica wordt regelmatig contactallergie beschreven, maar dit komt bij gebruik in levensmiddelen vrijwel niet voor.
Financiering van het onderzoek
Van de twee meegenomen studies is er één gefinancierd door de industrie en één onafhankelijk. De industrie-gefinancierde studie is de review die concludeert dat methylparabeen overwegend veilig is. Deze is uitgevoerd door de Burdock Group, een commercieel adviesbureau dat regelmatig opdrachten uitvoert voor de voedingsindustrie. De onafhankelijke studie, afkomstig van een Japanse universiteit, vond juist een biologisch effect bij realistische concentraties.
Met slechts twee studies is het lastig om harde conclusies te trekken over de invloed van financiering op de uitkomsten. Wel past het beeld in een breder patroon: industrie-gefinancierd onderzoek komt vaker tot geruststellende conclusies dan onafhankelijk onderzoek. Voor een stof die zo breed wordt gebruikt, zou meer onafhankelijk onderzoek wenselijk zijn.
Beoordeling medische literatuur
Het onderzoek naar E218 als voedingsadditief is opvallend beperkt: slechts twee studies konden worden meegenomen. De enige review die de veiligheid breed beoordeelde, is gefinancierd door de industrie. De onafhankelijke studie richtte zich op een specifiek biologisch effect en was een dierstudie. Dit betekent dat de wetenschappelijke basis voor de veiligheidsbeoordeling van E218 in voeding smal is.
Daarnaast speelt de bredere discussie over parabenen als groep een rol. De zwakke oestrogene activiteit is wetenschappelijk vastgesteld, al is de betekenis daarvan bij lage doseringen via voeding nog niet helemaal duidelijk. Het feit dat de EU de toegestane hoeveelheden heeft verlaagd, laat zien dat ook regelgevers de stof met toenemende voorzichtigheid benaderen.
Onderzochte studies
| Studie | Type | Conclusie | Bewijskracht | Financiering |
|---|---|---|---|---|
|
Fujita et al. (2007)
Methylparaben activeert pijnreceptoren (TRPA1) bij realistische concentraties in producten
|
Dierstudie | Schadelijk | 33% |
Onafhankelijk
Auteur werkzaam bij Nihon University (Japan)
|
|
Soni et al. (2002)
Overwegend veilig bij consumptie, maar contactallergie en cytotoxiciteit gemeld
|
Review | Gemengd | 20% | Industrie |
Verantwoording
Algoritme versie: v1.7. Analyse uitgevoerd op: 8 maart 2026. Lees meer over onze methodologie.
De informatie op deze pagina is met zorg samengesteld op basis van wetenschappelijk onderzoek. Scores worden algoritmisch berekend op basis van de onderliggende studies. Elke pagina wordt met de hand gecontroleerd door de redactie. Deze informatie vervangt geen professioneel voedings- of medisch advies. Raadpleeg bij twijfel altijd een arts of diëtist. Mocht er onverhoopt een fout staan, laat het ons weten via info@ahealthylife.nl.