Wat is overgewicht?

Overgewicht is een lichaamsgewicht dat hoger is dan wat gezond wordt geacht voor iemands lengte, doorgaans gedefinieerd als een body mass index (BMI) tussen 25 en 30 kg/m².

Wanneer je lichaam meer vet opslaat dan gezond is, spreken artsen van overgewicht. Het gaat niet zomaar om een getal op de weegschaal: iemand kan relatief zwaar zijn door veel spiermassa, zonder dat er sprake is van te veel lichaamsvet. Daarom wordt overgewicht in de praktijk bepaald aan de hand van de body mass index (BMI), een verhoudingsgetal tussen je gewicht en je lengte. Een BMI tussen 25 en 29,9 geldt als overgewicht. Komt de BMI boven de 30 uit, dan is er sprake van obesitas, ook wel ernstig overgewicht genoemd.

Hoe betrouwbaar is de BMI?

De BMI is een handige eerste inschatting, maar vertelt niet het hele verhaal. Het getal maakt geen onderscheid tussen vet, spieren, botten en vocht. Een gespierde sporter kan een BMI boven de 25 hebben zonder dat er gezondheidsrisico’s spelen. Andersom kan iemand met een normale BMI toch te veel buikvet dragen. Daarom kijken zorgverleners vaak ook naar de middelomtrek: vet dat zich rond de buikorganen ophoopt (zogenaamd visceraal vet) brengt meer gezondheidsrisico’s met zich mee dan vet op bijvoorbeeld de heupen of dijen. Wetenschappers benadrukken dan ook dat de BMI op zichzelf geen biologisch zuivere maat is en dat een uitgebreidere beoordeling van de lichaamssamenstelling meer inzicht geeft.

Hoe ontstaat het?

In de kern komt overgewicht neer op een langdurige onbalans tussen de energie die je binnenkrijgt en de energie die je verbruikt. Maar zo simpel als dat klinkt, is het in de praktijk niet. Erfelijke aanleg speelt een rol: sommige mensen slaan vet gemakkelijker op dan anderen. Daarnaast beïnvloeden slaappatronen, stressniveaus, hormoonhuishouding en de samenstelling van je darmbacteriën hoe je lichaam met energie omgaat. Ook de omgeving doet ertoe, in samenlevingen waar voedsel overvloedig beschikbaar is en het dagelijks leven weinig lichamelijke inspanning vraagt, komt overgewicht veel vaker voor.

Hoe vaak komt het voor?

Overgewicht is wereldwijd sterk toegenomen. Uit een grootschalige analyse van meer dan 2.400 bevolkingsonderzoeken in bijna 130 miljoen mensen bleek dat het percentage volwassenen en kinderen met overgewicht of obesitas tussen 1975 en 2016 fors is gestegen, in vrijwel alle landen. In de Verenigde Staten heeft naar schatting één op de drie volwassenen overgewicht. In Nederland liggen de cijfers iets lager, maar ook hier is de trend stijgend.

Wat merk je eraan?

Overgewicht op zich geeft niet altijd duidelijke klachten. Veel mensen voelen zich prima bij een BMI die net boven de 25 ligt. Naarmate het overgewicht toeneemt, kunnen er wel signalen optreden: sneller moe zijn, kortademigheid bij inspanning, gewrichtsklachten of rugpijn. Op langere termijn vergroot overgewicht de kans op een reeks gezondheidsproblemen, waaronder diabetes type 2, hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten, galstenen, slaapapneu en bepaalde vormen van kanker. Daarbij is het niet alleen de hoeveelheid extra gewicht die ertoe doet, maar ook waar het vet zich bevindt en hoe het stofwisselingsprofiel eruitziet. Er bestaat namelijk ook zoiets als metabool gezond overgewicht: mensen die ondanks een verhoogde BMI geen verstoorde bloedsuiker-, cholesterol- of bloeddrukwaarden hebben. Onderzoek laat echter zien dat ook deze groep op de langere termijn een verhoogd risico op hart- en vaatproblemen kan lopen, vooral wanneer het LDL-cholesterol verhoogd is.

Bronnen:

Categorie: Ziektebeelden
Tags: bmi gewicht gezondheid lichaamsvet obesitas overgewicht

Laatst geüpdatet: 14 februari 2026

Dit medisch woordenboek en deze begrippenlijst voeding & gezondheid zijn met zorg samengesteld als naslagwerk en kennisbank. De informatie in dit lexicon is uitsluitend bedoeld ter algemene informatie en vervangt geen professioneel medisch, diëtetisch of voedingskundig advies. Mocht er onverhoopt een fout of onvolledigheid in deze verklarende woordenlijst staan, dan vernemen wij dat graag via info@ahealthylife.nl.