E339 - Natriumfosfaat
De veiligheidsscore geeft aan hoe veilig dit E-nummer is op een schaal van 0 tot 100, op basis van wetenschappelijk onderzoek.
- ● 60–100: Geen bezwaar — Veilig bevonden in onderzoek
- ● 40–59: Beperk gebruik — Mogelijk risico, nader onderzoek nodig
- ● 0–39: Zo min mogelijk — Risico’s vastgesteld in onderzoek
De vergelijking laat zien hoe dit E-nummer scoort ten opzichte van alle andere E-nummers die wij beoordeeld hebben.
Dit E-nummer scoort beter dan 18% en slechter dan 82% van alle E-nummers. Hoe hoger het percentage, hoe veiliger.
De herkomst geeft aan waar dit E-nummer vandaan komt en hoe het geproduceerd wordt:
- Natuurlijk — Komt voor in de natuur en wordt daaruit gewonnen
- Halfnatuurlijk — Natuurlijke grondstof, chemisch gewonnen of gezuiverd
- Synthetisch — Volledig kunstmatig geproduceerd in een fabriek
- Mineraal — Gewonnen uit minerale bronnen (gesteente, zout)
- Gemodificeerd — Natuurlijke stof waarvan de molecuulstructuur is veranderd
- Ook bekend als
- Sodium phosphate, Natriumdiwaterstoffosfaat, Dinatriummonowaterstoffosfaat, Trinatriumfosfaat, Monosodium phosphate, Disodium phosphate, Trisodium phosphate, E339(i), E339(ii), E339(iii)
- Komt voor in
- Smeltkaas, Worst, Vleeswaren, Condensmelk, Melkpoeder, Slagroom, Roomijs, Cafeïnehoudende frisdranken, Kant-en-klaarmaaltijden, Bakkerijproducten, Poederproducten
- ADI
- De ADI is 40 mg fosfor per kg lichaamsgewicht per dag, vastgesteld door EFSA als groeps-ADI voor alle fosfaat-E-nummers (E339-E343, E450-E452). Voor een volwassene van 70 kg betekent dit maximaal 2800 mg fosfor per dag uit alle fosfaatbronnen samen. Let op: deze limiet geldt voor de totale fosfaatinname uit additieven, niet per E-nummer apart.
- EU-status
- Goedgekeurd
- Dieetinfo
- Geschikt voor vegetariërs, veganisten en voor halal en kosher diëten. Natriumfosfaat wordt synthetisch geproduceerd uit fosfaaterts en bevat geen dierlijke bestanddelen.
Een hoge fosfaatinname kan nadelig zijn voor de nieren en de calciumbalans verstoren, wat relevant is voor de botontwikkeling bij kinderen. Doordat fosfaten onder meerdere E-nummers in veel bewerkte producten tegelijk voorkomen, kan de cumulatieve dagelijkse inname de ADI overschrijden. Mensen met nier-, hart- of leverproblemen lopen extra risico op elektrolytstoornissen bij hoge fosfaatbelasting.
Fosforzuur en fosfaten komen van nature voor in het lichaam en in veel groenten en fruit. EFSA heeft een groeps-ADI vastgesteld van 40 mg/kg lichaamsgewicht per dag, wat bij normale consumptie als veilig wordt beschouwd. De stof is geschikt voor alle diëten, inclusief veganistisch, vegetarisch, halal en kosher.
Natriumfosfaat (E339) is een synthetisch geproduceerd natriumzout van fosforzuur. Het wordt gemaakt uit fosfaaterts, voornamelijk gewonnen in de Verenigde Staten. Hoewel fosforzuur van nature voorkomt in groenten, fruit en in ons eigen lichaam, is de E339-variant die je in voedingsproducten aantreft een industrieel geproduceerde stof. Het wordt ingezet als zuurteregelaar, emulgator, vochtbinder, anti-klontermiddel en smeltzout.
Je komt natriumfosfaat tegen in een breed scala aan bewerkte producten: smeltkaas, vleeswaren zoals worst, condensmelk, melkpoeder, slagroom, roomijs, cafeïnehoudende frisdranken, kant-en-klaarmaaltijden en bakkerijproducten. Het zit dus in veel alledaagse producten, vaak zonder dat je het doorhebt. Bovendien valt E339 onder een grotere groep fosfaat-E-nummers (E339 tot E343 en E450 tot E452) die allemaal in bewerkte producten worden gebruikt. Dat betekent dat je fosfaten uit meerdere bronnen tegelijk binnenkrijgt.
EFSA heeft voor fosfaten als groep een ADI vastgesteld van 40 mg fosfor per kg lichaamsgewicht per dag. Voor een volwassene van 70 kg komt dat neer op maximaal 2800 mg fosfor per dag. Dat klinkt als een ruime marge, maar doordat fosfaten in zoveel producten tegelijk zitten, kan de cumulatieve inname bij mensen die veel ultrabewerkte voeding eten flink oplopen. Een belangrijk aandachtspunt is dat hoge fosfaatinname de opname van calcium kan belemmeren, wat op de lange termijn nadelig kan zijn voor de botten. Vooral voor kinderen die veel bewerkte producten eten is dit relevant, omdat hun botten nog in ontwikkeling zijn.
Voor mensen met nier-, hart- of leverproblemen is extra voorzichtigheid geboden. Een verminderde nierfunctie maakt het lastiger om overtollig fosfaat af te voeren, waardoor elektrolytstoornissen kunnen ontstaan. Ouderen met afnemende nierfunctie vallen ook in deze risicogroep. Als je gezond bent en gevarieerd eet met overwegend onbewerkte producten, is de kans klein dat je de ADI overschrijdt. Maar wie regelmatig leunt op kant-en-klaarmaaltijden, bewerkt vlees en frisdrank doet er goed aan om bewust op fosfaten in de ingrediëntenlijst te letten.
Wat zegt de wetenschap?
We vonden 8 relevante studies over natriumfosfaat als voedingsadditief. Na beoordeling zijn 7 studies meegenomen in onze analyse. Daarvan zijn er 2 onafhankelijk gefinancierd en bij 5 studies was de financieringsbron onbekend.
Een belangrijke nuance bij deze studies is dat de meeste negatieve bevindingen afkomstig zijn uit onderzoek naar orale natriumfosfaat als darmvoorbereidingsmiddel voor een colonoscopie. Bij die toepassing worden doseringen van tientallen grammen gebruikt, wat honderden malen hoger is dan wat je via voedingsadditieven binnenkrijgt. Een meta-analyse uit 2022 (Reumkens et al.) liet zien dat natriumfosfaat bij 17,2% van de patiënten hypokaliëmie (een te laag kaliumgehalte) veroorzaakte in die medische context. Een klinische trial uit 1996 (DiPalma et al.) vond significante hypocalciëmie en hyperfosfatemie na orale natriumfosfaat, zelfs bij gezonde proefpersonen. En een ander onderzoek uit 1996 (Zwas et al.) rapporteerde slijmvliesafwijkingen in de dikke darm bij 24,5% van de patiënten na gebruik van natriumfosfaat als darmvoorbereiding. Deze bevindingen zijn zorgwekkend, maar het is belangrijk om te beseffen dat de doseringen niet vergelijkbaar zijn met wat je via voeding binnenkrijgt.
Een systematische review uit 2007 (Belsey et al.) concludeerde dat natriumfosfaat als darmvoorbereiding beter verdragen werd dan alternatieven, maar tegelijkertijd het hoogste risico op klinisch significante elektrolytstoornissen had. Dat klinkt tegenstrijdig en wijst erop dat de gerandomiseerde studies mogelijk niet groot genoeg waren om veiligheidsuitkomsten goed te meten. Een review uit 2008 (Heher et al.) legde een verband tussen orale natriumfosfaat en nierschade, met name bij ouderen. Een dierstudie uit 2023 (Steffen en Dobenecker) toonde aan dat natriumfosfaat als voedingsadditief bij katten leidde tot hyperfosfatemie en verhoogde niveaus van FGF23, een marker die verband houdt met fosfaathuishouding.
De enige studie die natriumfosfaat als veilig beoordeelde, was een EFSA-evaluatie uit 2013. Die ging over het gebruik van natriumfosfaat in voedselverpakkingen, waarbij de migratie naar het voedsel minimaal is. Deze conclusie is dus niet direct te vergelijken met de situatie waarbij je natriumfosfaat als additief in je eten hebt zitten. Het is een belangrijk verschil dat in de beoordeling meegewogen moet worden.
Samenvattend is er wetenschappelijke consensus dat zeer hoge doseringen natriumfosfaat schadelijk kunnen zijn voor de nieren en de elektrolytenbalans. Over de veiligheid bij de lagere doseringen die je via voeding binnenkrijgt, is minder direct onderzoek beschikbaar. De grootste zorg zit in de cumulatieve blootstelling: doordat fosfaten in zoveel bewerkte producten tegelijk voorkomen, kan de totale inname hoger uitvallen dan je zou verwachten op basis van één enkel product.
Bredere context
Regelgeving en bredere context
EFSA heeft fosfaten als groep beoordeeld (E339 tot E343 en E450 tot E452) en een gezamenlijke ADI vastgesteld van 40 mg fosfor per kg lichaamsgewicht per dag. Deze groepsbenadering is belangrijk, want het betekent dat alle fosfaat-E-nummers samen meetellen voor je dagelijkse limiet. EFSA heeft bij de herbeoordeling zorgen geuit over de cumulatieve blootstelling, vooral bij mensen die veel ultrabewerkte producten consumeren. Er is geen IARC-classificatie voor natriumfosfaat. De risico's betreffen geen kankerverwekkendheid, maar draaien om mogelijke nierschade en verstoringen van de elektrolytenbalans.
Natriumfosfaat is in de EU goedgekeurd en wordt niet specifiek verboden in bepaalde landen. Wel draagt het bij aan de dagelijkse natriuminname. Bij hoge consumptie van bewerkte producten kan dit helpen om de WHO-aanbeveling van maximaal 2 gram natrium per dag te overschrijden.
- Kinderen: Kinderen die veel ultrabewerkte producten eten (kant-en-klaarmaaltijden, bewerkt vlees, frisdrank) kunnen door cumulatieve fosfaatinname uit meerdere bronnen de veilige dagelijkse limiet overschrijden. Dit kan de calcium-fosfaatbalans verstoren, wat relevant is voor de botontwikkeling. Ouders wordt aangeraden de inname van sterk bewerkte producten te beperken.
- Kwetsbare groepen: Mensen met chronische nierziekte, ouderen met verminderde nierfunctie en personen met hart- of leverziekten lopen verhoogd risico op elektrolytstoornissen bij fosfaatbelasting.
Bijwerkingen
Bij normale voedingsinname zijn geen directe bijwerkingen bekend. Bij hoge fosfaatinname (vooral uit meerdere bewerkte producten tegelijk) kan de calciumopname worden belemmerd, wat op termijn kan bijdragen aan botontkalking. Mensen met een verminderde nierfunctie lopen risico op elektrolytstoornissen zoals hyperfosfatemie en hypocalciëmie bij verhoogde fosfaatbelasting.
Financiering van het onderzoek
Van de 7 meegenomen studies zijn er 2 onafhankelijk gefinancierd (door EFSA en WHO) en bij 5 studies was de financieringsbron onbekend. Er zijn geen studies gevonden die door de voedingsindustrie zijn gefinancierd. Het ontbreken van financieringsinformatie bij het merendeel van de studies maakt het lastig om mogelijke belangenconflicten volledig uit te sluiten.
Het is opvallend dat er weinig onafhankelijk onderzoek beschikbaar is dat specifiek kijkt naar natriumfosfaat als voedingsadditief bij de doseringen die je via bewerkte producten binnenkrijgt. Het meeste onderzoek richt zich op farmacologische toepassingen met veel hogere doseringen. Dit betekent dat we voor de veiligheid bij normale voedingsinname grotendeels moeten vertrouwen op de groepsbeoordeling van EFSA en op indirecte aanwijzingen uit het beschikbare onderzoek.
Beoordeling medische literatuur
Bij het interpreteren van het onderzoek naar natriumfosfaat zijn een paar dingen belangrijk om te weten. De meeste studies die negatieve effecten laten zien, gebruiken doseringen die tientallen tot honderden malen hoger liggen dan wat je via voeding binnenkrijgt. Het gaat dan om medische toepassingen (darmvoorbereiding voor een colonoscopie), niet om voedingsadditieven. Dat maakt de resultaten minder direct toepasbaar op je dagelijkse eetpatroon.
Tegelijkertijd is er opvallend weinig onderzoek dat specifiek kijkt naar de effecten van natriumfosfaat bij de lagere doseringen die je via bewerkte producten binnenkrijgt. De EFSA-studie die het als veilig beoordeelde, ging over gebruik in voedselverpakkingen met minimale migratie naar het voedsel, wat een andere situatie is dan directe toevoeging aan eten. De grootste reële zorg is de cumulatieve blootstelling: fosfaten zitten onder verschillende E-nummers in heel veel bewerkte producten tegelijk, waardoor je totale inname hoger kan zijn dan je denkt.
Onderzochte studies
| Studie | Type | Conclusie | Bewijskracht | Financiering |
|---|---|---|---|---|
|
Reumkens et al. (2022)
Meta-analyse: NaP veroorzaakt hypokaliëmie bij 17,2% van patiënten
|
Meta-analyse | Schadelijk | 100% | Onbekend |
|
Flavourings (2013)
Natriumfosfaat in voedselverpakkingen veilig bij voorgeschreven gebruiksomstandigheden
|
EFSA/WHO-evaluatie | Veilig | 70% |
Onafhankelijk
Gefinancierd door efsa
|
|
Zwas et al. (1996)
NaP veroorzaakt colonmucosa-laesies bij 24,5% van patiënten
|
RCT | Schadelijk | 52% |
Onafhankelijk
Gefinancierd door who
|
|
Steffen, C., Dobenecker, B. (2023)
Natriumfosfaat veroorzaakt hyperfosfatemie en verhoogd FGF23 bij katten
|
Dierstudie | Schadelijk | 42% | Onbekend |
|
Belsey et al. (2007)
Natriumfosfaat beter verdragen maar hoogste risico elektrolytstoornissen
|
Systematisch review | Gemengd | 39% | Onbekend |
|
Heher et al. (2008)
Natriumfosfaat gelinkt aan nierschade en chronische nierziekte bij ouderen
|
Review | Schadelijk | 32% | Onbekend |
|
DiPalma et al. (1996)
Significante hypocalciëmie en hyperfosfatemie na orale natriumfosfaat, ook bij gezonden
|
Klinische trial | Schadelijk | 26% | Onbekend |
Verantwoording
Algoritme versie: v1.7. Analyse uitgevoerd op: 8 maart 2026. Lees meer over onze methodologie.
De informatie op deze pagina is met zorg samengesteld op basis van wetenschappelijk onderzoek. Scores worden algoritmisch berekend op basis van de onderliggende studies. Elke pagina wordt met de hand gecontroleerd door de redactie. Deze informatie vervangt geen professioneel voedings- of medisch advies. Raadpleeg bij twijfel altijd een arts of diëtist. Mocht er onverhoopt een fout staan, laat het ons weten via info@ahealthylife.nl.